Gebroken

Hoe ik in alle drukte ben gevallen en hier mee moet dealen

Dinsdag 6 oktober 2026, een normale dinsdag, tot het begin van de middag. Zoals ik in mijn vorige blog al schreef, was het al tijden druk in m’n hoofd. Ik had zelf ontdekt dat ik het anders moet doen, zoals wel vaker. Maar met wat me nu overkwam, had ik op geen enkele manier rekening gehouden, laat staan überhaupt kunnen bedenken dat het me weer zou overkomen, vijf jaar na de vorige keer.

Ik ging lekker naar buiten met Krisi voor de middagwandeling. Ik was nog geen 5 minuten van huis af toen ik een mevrouw tegenkwam met twee van die verschrikkelijke keffertjes. Die gingen als een gek tegen Krisi te keer. Ik had haar al kort aan de lijn en aan de andere kant dan waar die hondjes stonden te schreeuwen, zodat ze niet kon uitvallen. Die vrouw bleef maar treuzelen en liep niet door. Ik dacht nog: loop door, des te sneller zijn ze weer rustig. Uit beeld is niet interessant meer. Helaas, het uitvallen gebeurde toch! Krisi schoot voor mij langs en waarschijnlijk omdat ik net een stap zette, of dat de lijn tussen mijn benen raakte, viel ik languit, wederom zoals 5 jaar geleden, precies op m’n heup. Met helaas ook weer hetzelfde effect: gebroken…. Ik hoopte nog tegen beter weten in, dat het misschien mee viel, want ik kon nog m’n voet bewegen. Maar gezien de pijn….. Die vrouw vroeg in het Duits of het ging en toen ik nee zei, liep ze weg!

Gelukkig was er een vrouw aan het hardlopen en zij kwam naar mij toe om te kijken of ze kon helpen. Inmiddels was ik helemaal de weg kwijt. Ik kon echt niet opstaan, wat nu? Dan gaat een NAH-hoofd echt volledig in de paniekstand. Logisch nadenken is normaal al moeilijk, laat staan in zo’n situatie. Met dank aan drie super lieve buurmannen en die lieve vrouw is het gelukt om Krisi thuis te brengen, een ambulance te laten komen en na een korte poging om me te laten staan, werd er besloten me toch mee te nemen naar het ziekenhuis voor foto’s. Vanaf dat moment ging ik een soort van uit. Ik kan me dingen die gebeurden niet goed herinneren. Het was een verademing toen Robin binnen kwam, pffff….ik kan het denken aan hem over laten. Ik hield me alleen nog maar bezig met de hevige pijn. Ik kreeg enorm veel pijnstillers en een pijnblokkade.

De foto’s lieten overduidelijk een breuk zien en ik zou geopereerd moeten worden. Helaas heb ik ontdekt dat NAH bij het meeste medische personeel volledig onbekend is, wat dus niet bijdraagt aan een beetje rust om je heen. Ik werd van de ene afdeling weer naar een andere gebracht en dat ging zo nog even door. Uiteindelijk kwam ik op de afdeling waar ik na de OK weer terug zou komen en was het wachten op het sein dat de OK gedaan kon worden. Dat betekende de rest van de dag nuchter blijven (vanaf half 12 al). Helaas kwam rond kwart voor 9 ‘s avonds het bericht dat het die dag niet meer zou lukken. Ik kreeg een boterham en een beetje vla en daarna moest ik weer nuchter blijven, want ik stond nu op de lijst voor woensdag. Na een ellenlange dag kwam weer rond half 9 ‘s avonds het bericht dat het weer niet ging lukken. En weer kreeg ik een boterham en moest ik daarna verder weer nuchter blijven, want nu stond ik op de lijst voor donderdag. Uiteraard werd ik wel steeds volgestopt met pijnstillers. Daar voel je je zeker niet beter van.

Als donderslag bij heldere hemel werd ik donderdagochtend ineens om 8.45 uur opgeroepen om naar de OK gebracht te worden! Huh? Zó vroeg al? Ik had amper tijd om nog ergens over na te denken, ik kon nog even snel aan man en kind laten weten dat ik naar de OK ging en toen was ik er al. Ook daar weten ze niet wat NAH is, op één verpleegkundige na die het felle licht bij mij uit deed. Ik had een gesprek met de anesthesist en we kozen voor een ruggenprik en een roesje. De chirurg vond dat ook een goed plan, want dan had ik in eerste instantie na de OK nog geen pijn. Ik heb nog nooit eerder een ruggenprik gehad en ik vond het raar! Echt een gek gevoel. Ik las later in het behandelverslag dat ze me nog een keer extra gesedeerd hebben, omdat ik te wakker werd. Dat klopt ook wel, want ik heb het een en ander gehoord. Ik hoorde praten en andere geluiden en ineens was dat ook weer weg. Of beter gezegd: ik was weer weg, haha! Op de recovery was ik al heel snel wakker en kreeg ik een ijsje. Daarna werd ik weer opgehaald om naar de afdeling te gaan.

Dan gaat het snel en toch ook weer niet. Duidelijk geval van handen te kort…. Ik kreeg weer wat te eten, waar ik totaal geen behoefte aan had, want mijn lijf was inmiddels helemaal de weg kwijt. De fysio zou langskomen, want ik moest gelijk mijn bed uit en gaan staan. Dat wist ik nog van de vorige keer, dus dat verbaasde me niet. Ik had alleen maar zoiets van, schiet maar op, des te eerder mag ik naar huis. Lang verhaal kort: geen fysio gezien en een verpleegkundige heeft mij met een slecht looprekje uit m’n bed gehaald en op 2 benen gezet. Auw! Dat deed zeer en was doodeng. De vorige keer dat ik moest staan, deed m’n been niet wat ik wilde en nu moest ik er maar op vertrouwen dat het kon. Jaja,….dat kan je nou wel zeggen, maar dat vertrouwen moet ff groeien, hoor. Maar goed, het eerste rondje door de kamer had ik gedaan. Op vrijdagochtend nog steeds geen fysio gezien, de bloeduitslagen vond de verpleegkundige wat aan de lage kant (ik overigens niet, dat heb je als je er een beetje kennis van hebt….) en ik wilde naar huis. Toen kwam toch ineens de fysio langs, die moest haar toestemming geven om naar huis te kunnen. Die vond het allemaal prima, die had al snel door dat ik alles nog wel wist van vijf jaar terug. En ook het hoofd van de afdeling werd niet zenuwachtig van de bloeduitslagen. Zei ik toch?!

Dus ik mocht naar huis. Voordat we überhaupt met de auto op weg waren naar huis, was er al weer een flinke tijd voorbij gegaan met wachten op dit, wachten op dat, enz. Maar goed, toch fijn thuis en ik kon weer ff ademhalen. De eerste nachten toch maar op de logeerkamer geslapen, want onze eigen matras was nog ff te zacht om pijnvrij te kunnen liggen en bovendien had ik dan de WC dichterbij en scheelde het een trap op en af. En al die tijd zat ik nog steeds stijf onder de pijnstillers. Mijn maag en darmen waren er inmiddels ook goed van slag van. Maar toen mijn lieve vriendin uit Noorwegen kwam, kon ik weer in m’n eigen bed liggen en ging het op krukken wel ok. Hoe die tijd die volgde verliep, schrijf ik in een aparte blog, want het wordt veel te lang. Ik overzie het zelf niet meer. Dus dank voor het lezen en tot de volgende blog!

Gepubliceerd door Astrid van t Hof

Ik ben Astrid van t Hof, 54 jaar, gelukkig getrouwd met de liefde van mijn leven, moeder van een dochter van 25 en heb sinds 14 november 2017 NAH (Niet Aangeboren Hersenletsel)

Geef een reactie